Wie een deel van de week thuis werkt, komt ook een deel van de week naar kantoor. Dat werkt prima, tot je merkt dat je collega's steeds op andere dagen komen dan jij. Je zit dan op een halflege verdieping en de gesprekken waar je voor kwam, vinden niet plaats. Een paar gezamenlijke afspraken zorgen ervoor dat de kantoordagen echt iets opleveren. Ze hoeven niet streng te zijn, als het maar duidelijk is.
Kies dagen die voor iedereen werken
Begin met een gesprek in het team. Vraag wie op welke dagen thuis liever ongestoord werkt en wie graag anderen ziet. Vaak blijken er een paar dagen te zijn waarop het voor bijna iedereen past. Schrijf die dagen op en zet ze in de gezamenlijke agenda. Wees niet te streng: het gaat om een gezamenlijk ritme, niet om een schema waar iedereen zich krampachtig aan moet vasthouden.
Houd rekening met verschillen. Niet iedereen kan op dezelfde dagen komen, bijvoorbeeld door de zorg voor kinderen, de reistijd of een andere afspraak. Bespreek dat openhartig en zoek naar een oplossing waar niemand zich buitengesloten door voelt. Misschien komt een collega een andere dag extra, of sluit hij of zij online aan. Zo blijft het team één geheel, ook als het rooster niet voor iedereen precies hetzelfde is.
Maak van de kantoordag iets om naar uit te kijken. Plan de dingen die je het liefst samen doet op die dag: overleggen, brainstormen, samen lunchen. Dan hoeft niemand te komen om alleen achter een scherm te zitten. Laat het werk waarvoor je rust nodig hebt liever op een thuisdag staan. Zo heeft iedere dag een eigen taak, en voelt de reis naar kantoor minder als een verplichting.
Kijk na een tijdje of het werkt. Praat er in het team over: zien we elkaar genoeg, zijn de dagen prettig, moet er iets veranderen? Wees bereid om de afspraken aan te passen als er nieuwe collega's komen of als de omstandigheden veranderen. Een goede regeling groeit mee. En vergeet niet iets kleins te vieren, zoals een gezamenlijke koffie, want dat maakt het samenkomen echt tot iets leuks.